Oorlog, tekorten en hamsteren: waarom inkoopprofessionals weer aan het stuur zitten
De oorlog in het Midden-Oosten heeft geleid tot de grootste verstoring van internationale supply chains in jaren en zet inkoopprofessionals opnieuw centraal in de strategische besluitvorming van bedrijven. Door onzekerheid over leveringen en stijgende prijzen zijn ondernemingen massaal extra voorraden gaan aanleggen. Dat zorgde ervoor dat de Nevi Inkoopmanagersindex voor de Nederlandse industrie steeg naar het hoogste niveau sinds 2022.
Voor inkopers betekent dit een complexe combinatie van risico’s en kansen. Levertijden lopen sterk op, terwijl prijzen van energie, transport, metalen, kunststoffen en andere grondstoffen snel stijgen. Tegelijkertijd neemt de druk toe om leveringszekerheid te waarborgen, werkkapitaal beheersbaar te houden en alternatieve leveranciers te vinden. Vooral de mogelijke sluiting van de Straat van Hormuz vergroot de kwetsbaarheid van mondiale ketens.
Daarnaast krijgen inkopers te maken met nieuwe geopolitieke en Europese regelgeving, zoals het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM), hogere invoerheffingen op staal en protectionistische maatregelen binnen de EU. Strategische sourcing, contractmanagement en supply chain-diversificatie worden daardoor belangrijker dan ooit.
Tegelijk ontstaan er kansen voor Nederlandse bedrijven. Sectoren als chemie, defensie, staal en hightech profiteren van stijgende vraag en hogere marges. Ook de groeiende investeringen in AI zorgen voor extra vraag naar chipmachines van ASML en hun toeleveranciers. Voor inkoopprofessionals onderstreept dit dat geopolitiek inmiddels direct doorwerkt in dagelijkse inkoopbeslissingen.